Geschiedenis Israël

Een reis door de geschiedenis

De Staat Israël werd gevestigd in het Land van Israël, dat volgens de Joodse traditie ooit aan het Volk Israël werd beloofd. Hier werd Jezus, de christelijke Messias, geboren en steeg Mohammed, de Islamitische Profeet, ten hemel. Gelegen aan twee zeeën waar drie continenten samenkomen, is het land een melange van culturen, tradities en gebruiken, een land dat onderdak bood aan veel verschillende volkeren, culturen en godsdiensten. Gelegen op het kruispunt van eeuwenoude handelsroutes, werd het land keer op keer veroverd door alle mogelijke volkeren: Kanaänieten, Hebreeën, Babyloniërs, Perzen, Grieken, Romeinen, Arabieren, Kruisvaarders, Ottomaanse Turken en Britten maakten van dit felbegeerde kleine land een waar slagveld waar werd gestreden om overheersing, en waar in de loop der eeuwen vele forten, kastelen en paleizen werden gebouwd.

  • Geografie & natuur
  • Geschiedenis Israël
  • Israël in een notendop

  • Israël cultuur

Het land van Israël in de Bijbelse tijd

Vestiging en verovering – Het Land van Israël in de Bijbelse tijd 

De Kanaänitische stammen waren de eerste kolonisten in Israël en haar voornaamste inwoners tot in het tweede millennium voor onze jaartelling. Al in deze tijd was het land een ontmoetingsplaats van verschillende culturen: Egypte in het zuiden, en Assyrië, Mesopotamië en Klein-Azië in het noorden. Gedurende het tweede millennium voor onze jaartelling begonnen verscheidene stammen met een invasie van het land. De Filistijnen, die uit het Egeïsche gebied kwamen, vestigden zich in de zuidelijke kustvlakte, en de Hebreeën, die uit Mesopotamië kwamen, trokken de heuvels in.

De Hebreeën, ook wel de Zonen van Israël genoemd, bestonden uit 12 stammen, die zich tegen het einde van het tweede millennium voor onze jaartelling verenigden onder de eerste koning van Israël, Saul. Zijn opvolger David, breidde de grenzen van het land uit en koos Jeruzalem, tot dan een stad in bezit van de Jebusieten, als zijn hoofdstad. Hier bouwde zijn zoon Koning Salomo de Tempel met de Heilige Ark. Na de dood van Salomo werd het koninkrijk in tweeën verdeeld, waarbij de tien noordelijke stammen het Koninkrijk van Israël stichtten, terwijl de andere twee stammen het Koninkrijk Juda vestigden in de Heuvels van Jeruzalem. In het jaar 721 voor onze jaartelling werd het Koninkrijk van Israël veroverd door de Assyriërs. De 10 stammen werden in ballingschap gedreven en worden tot op de dag van vandaag als “verloren” beschouwd. Het Koninkrijk Juda werd veroverd door de Babyloniërs in het jaar 586 voor onze jaartelling, de Tempel werd verwoest en de Zonen van Israël gingen in de eerste Babylonische ballingschap.

Babyloniërs tot de Byzantijnen

Tussen twee rijken – Van de Babyloniërs tot de Byzantijnen

In het jaar 539 voor onze jaartelling werd Babylon veroverd door de Perzen, en de stam van Juda mocht terugkeren naar Jeruzalem, dat deel uitmaakte van het Perzische Rijk. Jeruzalem werd opgetrokken uit de puinhopen en de Tweede Tempel werd gebouwd. In het jaar 333 voor onze jaartelling werd het Perzische Rijk, waaronder ook het Land van Israël, veroverd door Alexander de Grote, en in het jaar 66 voor onze jaartelling werd het ingenomen door de Romeinse veldheer Pompeius. De daarop volgende 200 jaar werd het land door Joodse koningen geregeerd als een Romeinse vazalstaat. Dat waren moeilijke tijden. In het jaar 70 van onze jaartelling werd de Tempel na een Joodse opstand verwoest en in het jaar 135 werden de Joden na een tweede opstand in ballingschap gezonden. Jeruzalem werd tot op zijn grondvesten verwoest en in haar plaats werd een Romeinse stad gebouwd.

Jezus, de christelijke Messias en grondlegger van het christendom, werd geboren toen het land onder Romeinse heerschappij stond, maar het duurde 300 jaar tot het christendom was erkend in het Romeinse Rijk, dat in het oosten vervolgens veranderde in Byzantium.

De opkomst van het christendom als officiële godsdienst zorgde ervoor, dat het Land van Israël steeds meer werd gezien als het Heilige Land. Het werd een bestemming voor pelgrims en over het hele land werden er kerken en kloosters gebouwd. In deze tijd werden delen van de Heilig Grafkerk in Jeruzalem en de Geboortekerk in Bethlehem gebouwd. Overblijfselen van gebouwen uit deze tijd zijn te zien in Avdat, Kafarnaüm (Capernaum), Hamat Gader en Latroen.

Het Islamitische rijk tot de kruisvaarders

Tussen oost en west – van het Islamitische Rijk tot de kruisvaarders

In het jaar 640 werd het land veroverd door de moslim kalief Omar, wat het tijdperk inluidde van de moslim heerschappij. In deze periode, die zeer belangrijk was voor de gehele regio, werden nieuwe verbindingen gelegd tussen het oosten en het westen: goederen, religieuze kunst en culturele en wetenschappelijke kennis werden uitgewisseld, zodat het oosten en het westen elkaar wederzijds verrijkten.

Volgens de islamitische overleveringen, steeg de profeet Mohammed in Jeruzalem ten hemel en wordt dan ook beschouwd als de op twee na heiligste stad. In de eerste jaren van de Arabische overheersing waren christenen in Jeruzalem toegestaan, maar in de 11e eeuw werd dat verboden, wat Paus Urbanus II ertoe bewoog op te roepen tot een kruistocht om Jeruzalem te bevrijden van haar moslim heerschappij.

De eerste kruistocht eindigde met de verovering van Jeruzalem in 1099. Gedurende de periode van de kruistochten werd het land een van de belangrijkste commerciële centra in de wereld, met handelsroutes die China, India, Madagaskar en Afrika verbonden met de Europese markten. De kruisvaardersteden werden ontmoetingsplaatsen voor moslim en Armeens christelijke kooplieden en hun Europese tegenhangers. De overblijfselen van deze kruisvaardersteden zijn te zien in Akko, Caesarea, Jeruzalem, Latroen en Nimrod.

Het tijdperk van de kruistochten duurde niet lang. In het jaar 1187 werden de kruisvaarderlegers verslagen door Saladin in de slag bij Hattin. De kruisvaarders verloren daarna meerdere veldslagen, eindigend met de nederlaag tegen de Mamelukken in de slag van Akko, wat in 1291 hun laatste bolwerk was. Vanaf het begin van het Mamelukse Rijk nam het economische en politieke belang van het land af. Deze trend werd versterkt door de Ottomaanse veroveringen van 1517. Het Land van Israël werd een vergeten hoekje in het Ottomaanse Rijk en afgezien van wat pelgrims van de drie monotheïstische godsdiensten, was er tussen oost en west bijna geen verkeer.

Britse mandaat en de vestiging van de Staat Israël

Van het Oude naar het Nieuwe – het Britse Mandaat en de vestiging van de Staat Israël

Het keerpunt in de betekenis van het land kwam in 1799 met de komst van Napoleon. Napoleon’s campagne in het oosten opende de ogen van het westen voor het strategische en economische belang van het land – een proces dat leidde tot een grotere Europese betrokkenheid. Er ontstonden nieuwe reisroutes en wegen van communicatie en in het land werden christelijke zendelingsplaatsen gesticht. Er kwamen steeds meer pelgrims en ook de Joden begonnen naar het land terug te keren. Deze en andere gebeurtenissen leidden tot een steeds grotere interesse in het land – met als hoogtepunt de Britse verovering in 1918 aan het einde van de Eerste Wereldoorlog.

In het jaar 1948 kwam er een einde aan het Britse Mandaat en werd de Staat Israël opgericht. Haar oprichters verkondigden in de Onafhankelijkheidsverklaring:

“De Staat Israël zal openstaan voor de immigratie van Joden en voor de Terugkeer van de Ballingen uit alle landen van hun verstrooiing. Zij zal de ontwikkeling van het land bevorderen ten voordele van al haar inwoners. Zij zal gegrond zijn op de principes van vrijheid, rechtvaardigheid en vrede. Zij zal borg staan voor volledige vrijheid van geweten, geloof, onderwijs en cultuur. Zij zal de heiligheid van de heilige plaatsen van alle godsdiensten veilig stellen.”

De Staat Israël, gevestigd waar continenten, culturen en geschiedenis samenkomen, belichaamt ten volle deze overvloed. Haar bevolking bestaat uit vele verschillende volkeren en godsdiensten: religieus en seculier, Moslims, Christenen, Druzen, Bedoeïenen, Circassiërs, Samaritanen en Joden uit 70 diaspora’s, uit Oost- en West-Europa, Noord-Afrika, Azië en Noord- en Zuid-Amerika. De mensen wonen over het hele land verspreid. In de Negev, Arava, Galilea en de kustvlakte, in kibboetsen, drukke steden en rustige dorpjes, is men druk bezig in de industrie, handel, landbouw en wetenschappelijk onderzoek. Al deze culturen, volkeren en godsdiensten creëerden een rijke schakering van traditie en geloof en de vereniging van het heilige en het wereldse, het verleden en het heden, het oosten en het westen.